Smartengeld
Smartengeld is zoals de wet dat omschrijft in artikel 6:106 BW een vergoeding voor nadeel dat niet uit vermogensschade bestaat. Dus schade bestaande uit pijn, ongemak waarvoor een billijke schadevergoeding moet worden betaald. Aanknopingspunt voor de hoogte van een smartengeld of immateriële vordering is te vinden in vergelijkbare vonnissen.
Van belang voor de hoogte van het smartengeld is met name de ernst van het letsel en de gevolgen hiervan voor het sociale en arbeidzame leven. Echter ook een rol voor het vaststellen van de hoogte van het smartengeld kan spelen de wijze waarop u door de aansprakelijkheidsverzekeraar bent bejegend. De rechtbank Zutphen heeft op 7 november 2007 in een vonnis opgenomen dat het smartengeldbedrag moet worden verhoogd omdat de aansprakelijkheidsverzekeraar de klachten van het slachtoffer niet als ongevalgevolg heeft willen erkennen. Schadebetalingen bleven uit waardoor het slachtoffer heeft moeten besluiten zijn bedrijf te sluiten. Het slachtoffer kreeg hierdoor depressieve klachten.
Wij zijn graag bereid u te informeren over uw mogelijkheden.

